‘EENSGEZIND’ DOOR DEZELFDE ROEPING
Wij komen uit verschillende landen, ieder met zijn eigen geschiedenis, maar in deze verscheidenheid is het Christus die ons verenigd. Iedereen is uitgenodigd om de drager van de vlam van de liefde van Christus te worden … om een bron van leven voor de ander te zijn: «Het is aan de liefde voor elkaar waaraan men zal herkennen dat gij mijn leerlingen zijt.»
Sint Benedictus leert ons:
«Er bestaat een goede ijver, op deze ijver moeten de monniken zich toeleggen met de vurigste liefde: … zij moeten elkanders zwakheden met het grootste geduld verdragen … Niemand zoekt zijn eigen voordeel maar veeleer wat goed is voor de ander: met een oprechte liefde houden ze van hun abt en zij stellen niets boven Christus, die ons allen samen moge leiden tot het eeuwige leven.» (RB 72)
Zoals één van onze zusters zegt : «Elke zuster is voor mij een cadeau van God, een gave van God.
Ieder van ons heeft van God zijn eigen talent gekregen om vruchten voort te brengen, zo kunnen we samen, geholpen door de liefde van God, een mooie gemeenschap opbouwen.
Een grote rijkdom voor onze communiteit is dat alle leeftijden aanwezig zijn, jong en oud.»