O Heilige Geest, Vader van de armen, U die ons voorziet van de gaven,
Leer mij een bedelaar te worden van God’s tegenwoordigheid in mijn hart.
Vanaf de eerste uren van de dag zoekt de monnik, de moniale, zoals Jezus dit gesprek met de Vader, door het woord van God met geheel zijn hart te lezen. Deze tijd van stilte, in de wintertijd nog voor het eerste licht van de dag en ’s zomers bij het vroege licht van de morgen is als een innige ontmoeting met de Heer.
Het woord van God lezen met «de oren van het hart» betekent ook binnendringen in de diepte en rijkdom van de tekst, zodat het Woord voor mij een woord van leven wordt dat mijn hart verandert en het leven geeft.